0

Categorie: Blog

Twee wetten maken een totaal verschil: Het verhaal van Faith

Twee wetten maken een totaal verschil: Het verhaal van Faith

In het leven worden we soms geconfronteerd met gebeurtenissen die ons tot in het diepst van onze ziel raken. Voor mij begon dit hoofdstuk op een ogenschijnlijk normale dag, toen ik een petitie ondertekende die de rechten van ouders van stilgeboren kinderen wilde verbeteren. Destijds had ik geen idee dat deze daad van solidariteit 13 maanden na de invoering van de wet mijn eigen leven zou raken, op een manier die ik nooit had kunnen voorzien.

Op 12 maart 2020 moesten we afscheid nemen van Faith, ons geliefde dochtertje dat veel te vroeg van ons werd weggenomen. Het was een dag die onze wereld in duisternis hulde en ons hart verscheurde in een pijn die onbeschrijfelijk is. Nooit had ik gedacht dat ik zelf zou behoren tot de ouders die hun kind veel te vroeg moesten laten gaan.

Terugkijkend herinner ik me de petitie van Stille Levens die ik had ondertekend, gedreven door een gevoel van medeleven en empathie voor ouders die dit verdriet al hadden doorstaan. Ik wist toen niet dat deze wet, waarvan ik dacht dat ze anderen zou helpen, mijn eigen leven zou beïnvloeden op een manier die ik me niet had kunnen voorstellen. Het was pas toen de realiteit van het verlies van Faith onze familie trof, dat ik de volledige impact van deze wetten begreep.

De eerste wet, die het mogelijk maakte om stilgeboren kinderen in de Basisregistratie Personen (BRP) op te nemen, was een mijlpaal voor ouders zoals wij. Voorheen werden stilgeboren kinderen administratief niet erkend, waardoor hun bestaan in de officiële registers niet werd vastgelegd. Deze wet gaf ouders de kans om het bestaan van hun stilgeboren kind officieel te erkennen en het een plaats te geven in de administratie.

Het was een verlichting om te weten dat Faith nu officieel werd erkend als ons kind, geregistreerd in de BRP onder haar naam, Faith (Néva Rose) van Hees.

Maar voor mij was dit nog niet genoeg. Ik had altijd al gewild dat mijn kinderen een dubbele achternaam zouden dragen, en Faith was daarop geen uitzondering. Haar rouwkaart en andere documenten die we maakten, vermeldden al haar naam als Faith (Néva Rose) van Hees – Hompes. En dankzij de tweede wet, die ouders de mogelijkheid gaf om hun kinderen een dubbele achternaam te geven, werd dit een realiteit.

Sinds 14 februari 2024, Valentijnsdag, staat Faith officieel geregistreerd met haar dubbele achternaam. Dit was een moment van vreugde en opluchting, een erkenning van haar volledige identiteit en een eerbetoon aan de liefde die ze in ons leven bracht, zij het voor een veel te korte tijd.

Stille Levens vroeg me om dit verhaal te delen, niet alleen als herinnering aan Faith, maar ook als een boodschap van hoop en empowerment voor andere ouders die hetzelfde verdriet hebben meegemaakt. Want nu weten zij, net als wij, dat hun kinderen niet alleen erkend kunnen worden, maar ook de achternaam van beide ouders mogen dragen. Door een overgangsregeling zelfs met terugwerkende kracht*.

Dus voor alle ouders die hetzelfde pad bewandelen: weet dat je niet alleen bent. En voor Faith, mijn liefste dochter: jouw naam leeft voort, nu en altijd.

Faith Néva Rose van Hees – Hompes

Met liefde,

Shannen van Hees – Hompes

 

*Let op deze overgangsregeling loopt nog tot 1 januari 2025.
Je kunt gebruik maken van de overgangsregeling als jouw eerstgeboren kind geboren is op of na 1 januari 2016. Denk je er over om jouw kind(eren) ook beide achternamen mee te geven? Kijk dan zeker op onze site voor de regels die gelden en de kosten die de gemeente rekent voor deze wijziging. Alle info vind je op: stillelevens.nl/informatie/geboorteaangifte-en-achternaam/

lees meer...
Verhuizen

Verhuizen

Langzaam maar zeker wordt het tijd om in te pakken. Nog maar een paar weken voordat we de sleutel inleveren van dit prachtige huis. Het huis waar we met jou zouden gaan wonen.


Het nieuwe huis
, met jouw kamer en jouw bedje en alles wat we voor je hadden gekocht. Nu slaapt je zusje in jouw bedje en speelt zij met jouw knuffels. Zij draagt jouw kleding en we wandelen met jouw kinderwagen.

Maar niet alles wordt gebruikt. Nog zoveel spulletjes die van jou zijn en voor mij zoveel waarde hebben. Nu moet ik ze inpakken en meenemen. Ik vind het moeilijk om ze aan te raken, het doet me zo veel pijn. Ik wil zo voorzichtig mogelijk met jouw spulletjes zijn, om niks kapot te maken.

De doos met jouw geboortekaartjes, het dekentje dat over je kistje lag, de hydrofiele doek die in het ziekenhuis bij je hoofdje lag, de usb-stick met de afscheidsdienst, een knuffeltje, de gipsafdrukjes van je handjes en voetjes, een plukje van je haar… Zomaar wat dingen die ik met alle zorgvuldigheid inwikkel en voorzichtig in verhuisdozen leg. Bij alles wat ik vastpak voel ik de pijn van het gemis. Het verdriet, de onzekerheid en de boosheid zijn zo diep in me geworteld dat ze onderdeel zijn geworden van mijn persoonlijkheid.

Verhuizen is intens. En zeker als je geconfronteerd wordt met de spullen die je zó veel waard zijn. Het voelt bijna respectloos om alles in een doos te vervoeren. Daarom heb ik de urn en het beeldje van jouw handen en voeten op mijn schoot meegenomen in de auto. Het zijn een paar van de laatste dingen die overgaan naar het nieuwe huis. Ik houd ze tijdens het rijden op mijn schoot. Het is maar 500 meter. Ik start de auto en rijd weg. Als ik de straat uitrijd schijnt de zon vol in m’n gezicht. Het is 16.30 uur en de zon gaat bijna onder. De hemel kleurt oranje en de zon komt tussen de wolken vandaan. Ze schijnt vol in mijn gezicht. Alsof jij wilt zeggen: “Het is goed mam, ik ga met je mee.” Ik knipper, veeg een traan van m’n wang en zeg hardop: “Je hebt gelijkt, je gaat altijd met me mee.”

Jouw naam betekent “zon”. En af en toe trakteer je mij op zo’n mooi, uniek moment waarin mijn wereld even stilstaat en ik alleen maar dankbaar kan zijn voor een teken van jou. Een teken van mijn lieve zoon uit de hemel. Hij die er elke dag is en elke dag met mij meegaat.

Hij hoeft niet te verhuizen, want hij woont in mijn hart.

lees meer...
Ze bestaat anders nu

Ze bestaat anders nu

Achter in onze tuin is een drassig, donker hoekje. De paar grassprieten die er staan hebben het zwaar. Onze hond rent er graag heen om modderpoten op te doen en die daarna wild over het vloerkleed uit te smeren.

Dat hoekje heeft een plek in mijn hart. Het is de plek van onze dochter. Vlak nadat we hoorden dat haar hartje niet meer klopte, ontdekten we daar één sneeuwklokje. Moederziel alleen. Het eerste sneeuwklokje in de wijde omgeving.

Drie maanden later, op de uitgerekende datum, piepte op dezelfde plek één sneeuwklokje uit de grond. Het was april, ver na de bloeitijd.

Sindsdien zijn mijn man en ik altijd op zoek. Naar het symbool van ons kindje, van hoop en onschuld. We vullen ons huis met sneeuwklokjes. Je vindt ze op het ingelijste geboortekaartje. Je ziet een vilten sneeuwklokpoppetje op de plank pronken. Als we een kaart schrijven staat daar een sneeuwklokje op gestempeld. En vanaf januari is het speuren. Op de fiets kijken we of de witte bloempjes al tevoorschijn komen. We delen foto’s van vroege vondsten met elkaar. Ik zou zó een kaart van de omgeving kunnen tekenen. Een sneeuwklokjesplattegrond.

Januari en februari zijn nu achter de rug. We hebben honderden, misschien wel duizenden sneeuwklokjes begroet. Dat zet me aan het denken. Waarom is het zo fijn om een symbool voor mijn dochter te hebben? Ik denk dat het met meedragen te maken heeft.

Na de geboorte heb ik mijn dochter vastgehouden en haar gezichtje ingeprent. Dat beeld van haar is bevroren. Ze wordt niet groter. Maar in gedachten groeit ze. Ik blijf haar ontmoeten in de kleine dingen. Met elk sneeuwklokje is het alsof ze bij me is. Een glimlach geeft.

Ik kan geen foto van mijn kindje naar mijn familie sturen. Maar wel een plaatje van een berm, besneeuwd met klokjes. “Kijk allemaal, ze is er!” Ze bestaat anders nu, maar ze bestaat nog.

Ik open Whatsapp en zie dat mijn moeder een foto deelt. Ze is een truitje aan het breien met een prachtig patroon van sneeuwklokjes. We dragen ons kindje niet alleen mee.

lees meer...
Vertrouwen in de arts

Vertrouwen in de arts

We zitten in de wachtkamer van de huisarts, ik ben vrij ontspannen. Onze dochter heeft koorts en is al een aantal dagen op en af niet zo lekker. We gaan bijna op vakantie, dus voor de zekerheid laten we haar nakijken. We hebben een fijne huisarts, dus ik heb er alle vertrouwen in dat ze haar goed zal nakijken.

We worden opgehaald door een jonge, vriendelijke vrouw. Er kijkt iemand mee,’ denk ik nog en ik vind dat prima. We lopen naar de spreekkamer, maar daar zit niemand anders. Ik voel een lichte paniek opkomen. Ik vraag meteen waar mijn eigen huisarts is en dan blijkt deze arts een waarnemend arts te zijn. De paniek slaat toe. Mijn eerste gedachte is: hier heb ik dus niks aan, ik weet niet of zij eerlijk is, ik weet niet of zij de waarheid spreekt, ik weet niet of zij mijn dochter echt goed nakijkt of maar wat zegt om mij gerust te stellen. Kan zij wel beoordelen of mijn dochter ziek is of misschien iets heel ergs heeft, waaraan ze misschien wel dood kan gaan?’

Want zo ging het eerder ook, toen ik zwanger was. De verloskundige zei dat alles goed was, artsen bleven maar zeggen dat het allemaal goed kon komen. Tijdens mijn eerste zwangerschap, van Boris*, maar ook tijdens de zwangerschap van Saar*, het dreigde allemaal mis te gaan. Ik wist dat het mis zou gaan en toch bleven ze maar zeggen dat het goed kon komen, tot ik in het ziekenhuis lag tijdens mijn derde zwangerschap, met Simon* in mijn buik.

De gynaecoloog maakte een echo van Simon* die toen nog springlevend in mijn buik zat. Ik wist dat het niet goed zou komen, maar natuurlijk bleef ik hopen. Vlak voordat de gynaecoloog de kamer uitliep, vroeg ik: ‘’Dokter wilt u het alstublieft eerlijk zeggen, is er nog een kans dat dit goed gaat komen?’’ Ik zag zijn aarzeling, hij keek mij aan. Ik herhaalde mijn vraag. Ik keek hem aan, zijn mond ging open en ik zag zijn lippen bewegen. ’’Ik denk niet dat het goed gaat komen, die kans is echt erg klein.’’ Het was een keiharde boodschap die mij ergens ook rust gaf, want ik wist al dat dit het antwoord zou zijn. Ik voelde dat het niet goed was, ik voelde dat ik weer te vroeg zou gaan bevallen. Hij zei alles wat ik niet wilde horen, maar hij was eerlijk. Ik kreeg geen valse hoop, maar de waarheid.

Deze boodschap heeft zo veel voor mij betekend. In mijn vierde zwangerschap heb ik me vastgeklampt aan deze gynaecoloog. Iedere week zat ik in zijn behandelkamer en iedere week zei hij dat – voor zover hij het kon zien – het er goed uit zag. Ik vertrouwde hem. Ik wist dat als het niet goed zou zijn, hij dit ook zou zeggen.

Mijn eigen huisarts was altijd nauw betrokken tijdens mijn zwangerschappen en ik heb een goede band met haar. Ik vertrouw haar en ik weet dat ook zij eerlijk is en geen risico zal nemen. Maar nu sta ik dus niet bij mijn eigen huisarts, maar in de behandelkamer van de waarnemend huisarts.

De paniek is zichtbaar, ik geef ook duidelijk aan dat ik niet blij ben met de situatie. Mijn partner seint naar me dat het goed is en dat ik een beetje rustig moet doen. Pas op dat moment kom ik weer terug in de realiteit. Ik besef dat mijn gedachten gebaseerd zijn op die eerdere gebeurtenissen, op de angst om weer een kind te verliezen.

Ik besluit dat het voor nu oké is en laat mijn dochter nakijken door de waarnemend huisarts. Gelukkig is er niets ergs, als de klachten niet verminderen adviseert ze om later in de week nog even terug te komen. Nog diezelfde dag maak ik een afspraak bij onze eigen huisarts voor later in die week. We bespreken de situatie van afgelopen week en ze kijkt onze dochter na en bevestigt wat de waarnemend huisarts ook al zei. Ik besef maar al te goed dat de waarnemend huisarts een prima arts is en dat mijn angst gebaseerd is op het verlies van mijn kinderen. Maar toch had ik deze afspraak met mijn eigen huisarts even nodig.

lees meer...
Met z'n vijven

Met z'n vijven

“Mama, ik heb toch nog een broer! Dat is Mees, toch? En die is dood en zit in het hart op de kast, toch?” roept ons kleinste ventje zo even door de kamer. Ik ben net wakker, loop nog rond in mijn badjas en zit nog heerlijk in een wazige ochtendroes. Eigenlijk was ik onderweg naar de keuken om de broodtrommel van ons meisje klaar te maken. Toch denk ik dat het beter is om even terug te gaan naar ons kleinste ventje. Terwijl ik even in mijn ogen wrijf draai ik me om en loop de andere kant op.

Een klein jongetje van drie jaar staat al wiebelend op een stoel voor de kast van Mees. De stoel heeft hij er zelf naartoe geschoven. Hij staat rustig te kijken, maar iets in mij vind dit een beetje eng. Dus ga ik dicht naast hem staan en sla mijn arm om hem heen. We kijken een momentje samen naar alles wat er op de kast staat. Dan vertel ik hem dat hij naast zijn grote zus ook nog een grote broer heeft, Mees. Daarna vertel ik dat Mees is overleden als baby in mijn buik, maar dat hij wel hun broer is. Thuis wonen dus papa, mama, zijn grote zus, zijn grote broer en hijzelf. We zijn met zijn vijven.

Terug naar het moment dat ons kleinste ventje werd geboren.

Een heel fijn moment! Onze regenboogbaby was gezond en wel geboren. Dagenlang keek ik naar hem en knuffelde ik hem. Ik hield hem dicht bij mij.

In die periode kreeg ik regelmatig een berichtje over ons gezin van vier. Iets wat natuurlijk lief bedoeld was, maar wat me enorm verdrietig maakte. Alsof Mees er niet bij hoorde. Alsof hij er nooit was geweest.

Natuurlijk waren er ook vele momenten dat het anders ging. Zo was er een vriendin die met al onze voornamen een kunstwerk had gemaakt en ook Mees hierin had verwerkt. Dat maakte me zo blij!

We waren door de komst van ons kleinste ventje met z’n vijven. Punt.

En nu sta ik met dit regenboogmannetje voor Mees’ kast en lijkt hij ineens te beseffen dat we met z’n vijven zijn. Bij dit besef verdwijnt de ochtendroes. Dit is zo belangrijk voor mij! Dat onze kinderen weten wie hun broer Mees is en dat deze broer er helemaal bij hoort. Hoe de buitenwereld er soms ook naar kijkt, wij weten zelf hoe het zit.

Ik geef hem een dikke knuffel en til hem op. Op een ander moment zal ik hem vertellen waarom Mees in het hart zit en wie zijn grote broer was. Met ons kleinste ventje op mijn arm loop ik richting de keuken waar ons meisje het ontbijt al aan het regelen is. Ik zie de broodtrommel en weet weer wat ik van plan was om te doen. We gaan na dit mooie momentje weer door met de dagelijkse gang van zaken.

Diane, mama van een sterretje

lees meer...
Al die eerste keren 

Al die eerste keren 

Met de aankondiging van ons eerste kindje ontstonden allerlei eerste keren. De eerste keer naar babywinkels, de eerste keer kindernamen tinderen (ja, dat is een ding), de eerste keer de familie vertellen dat ze opa, tante of nicht worden van ons kindje en hen zien veranderen door de groeiende liefde. Maar ook de eerste keer nooit meer onbezorgd leven. Ik werd voor het eerst vader en voelde dat groeien in mijn hele wezen. 

Alles zo goed mogelijk in orde willen brengen betekende bijvoorbeeld: de eerste keer naar een cursus en voor het eerst kleertjes uitzoeken voor een mensje dat je nog niet kent. Een stoere, blauwe tuinbroek met shirt voor mijn aanstaande zoon. We keken tegelijkertijd uit naar eerste keren zoals badjes, wandelingen en familiediners. 

Nog voor hij er werkelijk was kwamen er echter veel eerste keren die we nooit hadden durven, willen of kunnen bedenken. Hij overleed in de laatste 24 uur voor zijn geboorte. Daar was de eerste keer dat we moesten nadenken over het afscheid, nog voordat we hem hadden mogen zien of horen. We moesten voor de eerste keer een begrafenisondernemer kiezen, met alles wat daarbij hoort. Misschien nog wel het meest emotioneel was voor het eerst familie en vrienden vertellen dat Benja geboren zou gaan worden, maar dat hij voor altijd stil zou blijven. 

Later die dag hield ik hem vol trots en vol oergevoel voor het eerst vast en gaf ik hem aan zijn moeder. 

Sinds toen, mei 2023, is het aantal eerste keren niet meer bij te houden en terwijl ik dit schrijf, vraag ik me ook af of ik dat wel zou moeten willen. We worstelen ons door de seizoenen. We zoeken naar nieuwe lichtpuntjes. We staan stil bij hem missen en bij de liefde die daar onder ligt. 

De eerste keer op vakantie, met en zonder hem. Het voelde als thuis, maar met een andere achtergrond. De eerste keer weer naar het werk, terug naar een nieuw normaal. Het voelde als mijn kindje achterlaten. De eerste keer van elke maand de achtste dag die opdoemt en ons confronteert met het gemis. 

De eerste keer de feestdagen in december, waar je nu ineens niet naar uitkijkt. Want dat kerstdiner hadden we ons compleet anders voorgesteld. Nooit zal iedereen er zijn. 

Net als alle nieuwe vaders doe ik heel veel voor het eerst. Net als zij heb ik ook geen enkele keer de zekerheid dat dit de beste manier is. Wat ik wel weet, is dat ik net als zij, enorm trots ben op mijn kind en dat ik alles zo goed mogelijk doe voor Benja en voor mijn lieve wederhelft. 

Met vallen en opstaan voor de eerste keer alle dagen van een jaar door en

alles meemaken wat er is. Soms gaat het goed en soms niet. Dan stuur ik bij. Ervaren, leren, verwerken, doen, stilstaan, doorgaan en dan ga ik er vanuit dat het bij de volgende keren langzaam makkelijker wordt.

lees meer...
Hoe kan je gedenken?

Hoe kan je gedenken?

Hoewel de temperaturen buiten anders doen vermoeden, krijg ik ineens een voorjaarskriebel. De dagen worden alweer langer en voor elke schoolvakantie voel ik een opruimwoede opborrelen. Er zijn wat grotere plannen voor in huis, maar ik begin vast klein. De kledingkasten neem ik onder handen, dozen worden gevuld, speelgoed opgeruimd en ook wat leuke nieuwe planten; ik heb er helemaal zin in!

In de woonkamer valt mijn oog op de drie portretfoto’s aan de muur. Zorgvuldig haal ik de kinderfoto’s uit de lijstjes, ze zijn wel aan vervanging toe. Wat een schattige koppies.. Maar één foto blijft altijd hetzelfde. Nog altijd die baby, die niet verjaart. Waar de tijd is stil blijven staan, al bijna twaalf jaar geleden. Geen nieuwe schoolfoto, geen veranderd gezicht, geen herinneringen aan dat ene jaar

Op zoek naar een nieuwe foto in de kast, zie ik achter het vitrinedeurtje Tijns blauwe kaarsje met de auto. Ik steek het aan en zet het op tafel. Ik hou zijn urntje even in mijn handen en praat zachtjes tegen hem. De geur van de bodylotion die ik altijd had snuif ik op en denk aan toen. Die paar dagen die ik met jou kon doorbrengen. Zo kort.

Ik rangschik je foto’s en je gipsen handjes en voetjes, maak plaats voor je knuffeltje. Op deze plank staan de enige tastbare herinneringen die ik heb. Dit ‘altaartje’ is de plek die me naar jou brengt. Een fijne plek in ons huis. Het is fijn om stil te staan bij jou, om die weinige herinneringen aan jou op te halen. Want hoe gedenk ik jou? Hoe sta ik stil bij jouw bestaan? Wat kan ik doen?

Blijkbaar was dat opborrelende gevoel nodig om weer terug te komen bij jou, Tijn.

Als de kinderen ‘s middags thuiskomen zien ze het kaarsje branden en de foto staan. O ja, Tijn had zo’n ijsbeerknuffeltje. En hij was zo klein!”

En samen denken we aan jou.

lees meer...
Lieve Lev, opnieuw een jaar zonder jou, met jou

Lieve Lev, opnieuw een jaar zonder jou, met jou

Ik kijk naar het vuurwerk in de lucht. De mooiste kleuren spatten uiteen. De oorverdovende knallen laten me rillen.

Het jaar is om, weer een jaar voorbij. We houden elkaar vast en kussen elkaar het nieuwe jaar in.

Na weken vol lichtjes en warmte voelt januari voor mij koud en kil. Januari is niet mijn maand. Dat is het nooit geweest.

Dat gevoel is alleen maar versterkt nadat we afscheid moesten nemen van jou, onze lieve Lev. Elk nieuwe jaar is weer een jaar verder verwijderd van jou. Opnieuw een jaar zonder jou, iets dat nooit went.

Bij de start van het nieuwe jaar komt het besef dat alle momenten weer voorbij gaan komen. Al die herinneringen op bepaalde dagen.

Gevoelens die ik opnieuw ga ervaren en gedachten die mijn hoofd weer zullen vullen.

Van de eerste echo tot het voorbereiden op een heel bijzonder jaar.

Het jaar waarin wij ouders zullen gaan worden. Het verlangen dat groeit met de dag. Het verlangen naar jou in onze armen.

Ons kindje, ons geluk.

Het zijn herinneringen aan momenten die ik me amper nog kan herinneren zonder de pijn.

Het verlangen dat omsloeg in verdriet. Die ene bewuste dag. Terwijl alles en iedereen door bleef gaan stond onze wereld stil. Die ene bewuste dag. De dag dat alles anders werd.

Er was geen wiegje dat gevuld werd in de maanden die volgden. De kleertjes bleven ongedragen in de kast. De zorgvuldig uitgekozen knuffeltjes werden niet geknuffeld en op de schommelstoel werd niet geschommeld. De feestdagen vierden we zonder jou maar met jou. Je kreeg je plek in ons gezin. Er was een kaars op een kastje, een foto aan de muur, een speciale kerstbal in de boom.

Maar bovenal waren er gemis en vier heel lege armen.

Alle dagen en herinneringen gaan weer voorbij komen. Iets dat niet stopt zolang de tijd door blijft gaan. De herinneringen vervagen steeds een beetje meer, maar het gevoel blijft.

We gaan ook dit jaar weer vol liefde tegemoet. Januari gaat voorbij en de zin in een mooi jaar wordt steeds groter.

Een jaar zonder jou, maar met jou.

lees meer...