0

Categorie: Blog

Ik hou van je, lieve Simon. Voor altijd.

Ik hou van je, lieve Simon. Voor altijd.

Het is ergens midden november, als de feestdagen nog voor de deur staan. Ik ben op zoek naar wat oude fotos voor een cadeautje. Ik heb er zin in dit jaar en voor ik het weet breekt de decembermaand aan.

Ik kijk er voor het eerst weer een beetje naar uit, maar als het zover is werkt mijn gevoel niet mee. Er landt een zware deken op mijn schouders. Ik heb een naar gevoel in mijn buik en op sommige dagen wil ik het liefste de dekens over mijn hoofd trekken.

Ik weet niet precies waarom dit gebeurt, maar onbewust weet ik het natuurlijk wel. In december is het immers bijna januari, bijna 7 januari, de geboortedag van onze lieve Simon.

Ik zoek verder naar wat oude fotos als mijn blik blijft hangen op die ene foto. Die ene foto van 6 januari 2018, de foto waarna alles anders werd. Er valt een traan op mijn scherm terwijl ik naar mezelf kijk, naar de vrouw op die foto, die nog niet weet dat twee minuten later alles anders zal zijn.

6 januari 2018

Ik lig nu twee dagen in het ziekenhuis. Na een goede controle, met een mooie hartactie van Simon in mijn buik, gaan we even van de afdeling af. Het is fijn om wat afleiding te hebben. We gaan naar het restaurant beneden in het ziekenhuis. We rollen door de gangen en hebben best lol, zo onhandig rijdend met de rolstoel en de infuuspaal. Onderweg zeggen we de mensen die we tegenkomen vrolijk en lachend gedag. Beneden bestellen we wat te drinken en wat lekkers. We maken een vrolijke foto, die we doorsturen aan vrienden en familie en schrijven daarbij dat de controle van onze baby zojuist goed was.

Maar twee minuten nadat we de foto hebben verstuurd wordt alles anders.

Ik krijg enorme buikpijn en ik wil terug naar de kamer. We laten de koffie, thee en cake staan en gaan op weg naar de lift. We rollen over de tegels van het ziekenhuis er zitten soort ribbels op de tegels waardoor ik het gevoel heb dat we op een enorme hobbelige weg rijden. Ik krijg steeds meer pijn en ik voel dat het warm wordt. Dit is niet goed, verlies ik bloed? Of is het vruchtwater? We zijn bij de lift en drukken wel tien keer op de knop, ook al heeft dit geen zin we willen dat de lift zo snel mogelijk komt. Weer op de afdeling loopt er een verpleegkundige mee naar mijn kamer. Ik wil opstaan om op het bed te gaan liggen als ik het vruchtwater langs mijn benen voel lopen. Op dat moment hoor ik niets meer van wat er om mij heen gebeurt.

Ik besef meteen wat dit betekent: we gaan ook dit kindje verliezen. Ik schreeuw het uit en zak in elkaar. Ik word op bed geholpen en de arts is inmiddels ook in de kamer. Als ik wat rustiger ben wordt er een echo gemaakt. Ik kijk naar het scherm en zie het meteen: er is geen vruchtwater meer, het is helemaal mis. Het hartje van Simon klopt, maar hij heeft geen enkele kans meer. Ik ga veel te vroeg bevallen en Simon heeft hierdoor geen enkele kans. Diezelfde avond overlijdt Simon en de volgende dag op 7 januari wordt onze lieve Simon geboren.

Ik veeg de tranen van het scherm en kijk weer naar de foto van mezelf van zes jaar geleden, vlak voordat de bevalling zich te vroeg aandiende. Ik kijk in mijn ogen, die daar nog niet weten wat er de komende uren gaat gebeuren.

Toen Simon geboren werd stortte mijn hele wereld in. Hoe kon dit gebeuren? Wat was er mis met mij? Ik wist niet of ik het aankon, eigenlijk dacht ik op dat moment dat ik het niet aan kon. Kon ik maar tegen mij jongere zelf op de foto zeggen dat het uiteindelijk zou lukken om de draad weer op te pakken. Misschien niet zoals vroeger, en soms ben ik de draad echt nog weleens eventjes kwijt, maar ik vind hem altijd weer. Stapje voor stapje en dag voor dag.

Het is nu zes jaar geleden dat we ook Simon verloren. Zes hele jaren zonder Simon bij ons, maar ook zes jaren waarin Simon zijn eigen plek in ons leven heeft gekregen. Ook al is hij niet hier, hij hoort er altijd bij.

De weken voorafgaand 7 januari zullen altijd wat met mij blijven doen. Ik zal nooit meer dezelfde zijn, maar dat is oké. Op 7 januari krijg ik weer wat meer lucht, dan is het zijn dag en dat is een fijne liefdevolle dag, de dag van Simon.

Ik hou van je, lieve Simon. Voor altijd.

lees meer...
Zorgvuldig haal ik de kerstballen uit de boom.

Zorgvuldig haal ik de kerstballen uit de boom.

De maand december ligt weer achter ons. De maand van familie, gezelligheid en samenzijn. De maand die ik beter kan omschrijven als de maand van gemis, pijnlijke reclames en confrontaties. Ik neem de letter F voorzichtig uit de boom en wikkel deze in keukenpapier. De F van onze kleine, lieve Fiene.

Straks wandel ik naar je grafje, waar ik na de begrafenis elke ochtend en elke avond kwam. In de ochtend om je goedemorgen te wensen en in de avond om je welterusten te zeggen. Ik wandel naar je grafje om jouw kerstboom op te ruimen. Het grafje waar ik nu naar toe ga als ik daar behoefte aan heb. Soms elke dag, soms weken niet. De tijd heelt alle wonden”, zeggen ze dan. Je moet het een plekje geven. De tijd heelt helaas niet alle wonden, het wordt wel anders. En dat plekje heb je een week na je overlijden gekregen. Het plekje waar je begraven ligt. Je bent verweven in mijn leven als mijn oudste dochter die voor altijd mijn kleine meisje blijft.

Zodra ik wakker word op nieuwjaarsdag voel ik mij veel lichter. Gek eigenlijk, want op oudejaarsdag wandel ik naar mijn vader om een flink aantal oliebollen en appelbeignets zo uit de frituurpan op te smikkelen. Toch geeft het aanbreken van de maand januari mij rust. Ik voel mijn spieren weer langzaam ontspannen.

Het gemis is er elke dag. Elke dag een beetje anders. Soms wat minder en soms vol trots. Soms veel en soms ondragelijk. Soms met tranen en soms met een glimlach. Het maakt niet uit, het gemis mag er zijn. Het gemis zorgt ervoor dat je voortleeft in mijn gedachten, in mijn hart en in mijn leven.

Zorgvuldig haal ik de lichtjes uit de boom en breng ik de boom naar buiten. Het gewone, iets minder confronterende leven tegemoet.

lees meer...
Een dag speciaal voor jou

Een dag speciaal voor jou

Buiten is alles alweer helemaal gezellig. Overal zie je lichtjes en je voelt de kerststemming in de lucht hangen. Heerlijk de kerstboom optuigen, mijn man voor het karretje spannen om alle lichtjes in de tuin op te hangen en vanaf 6 december non-stop kerstmuziek.

Sinds een paar jaar is hier een taakje bijgekomen. We tuigen tegenwoordig een kerstboompje op bij het graf van Saar. Saar heeft haar eigen boompje met lichtjes op een timer, dat we jaarlijks terugplaatsen,. Het eerste jaar was het snoer te lang en was het dus ook veel te veel licht, daar stonden we samen zo om te lachen.

Kerst is voor ons niet meer hetzelfde. Niet alleen omdat wij nooit helemaal compleet zijn, maar ook omdat 23 december de dag van Saar is. De dagen daarnaartoe voelen zwaar, maar ook vol liefde. Drie jaar geleden liep alles anders en hebben wij kerst in het ziekenhuis en thuis onder een deken doorgebracht. De kerstboom ging de eerste dag dat ik thuis was de deur al uit.

Inmiddels, drie jaar later, is er veel veranderd. Gijs is geboren en over een maand zal ons derde kindje geboren worden. Het gemis rondom Saar is nog steeds enorm en dat is zeker in deze periode van het jaar weer extra voelbaar. Alsof het litteken op mijn hart extra trekt in december. We hopen dat 23 december een dag wordt die wij gaan vieren. Met de kindjes leuke dingen doen, zoals je dat doet met een verjaardag. Een dag met een lach en een traan. Een dag speciaal voor Saar.

lees meer...
Zorgen voor liefde en verdriet

Zorgen voor liefde en verdriet

Ik kan niet meer voor onze dochter Saar en zoons Boris en Simon zorgen. Maar ik moet wel zorgen voor de liefde en het verdriet die ik voor hen voel.

Vandaag mag mijn nichtje afzwemmen voor haar A-diploma en ik wil als verrassing gaan kijken. Ik knip een stuk cadeaupapier van de rol en pak het cadeautje voor mijn nichtje in. Ik moet opschieten want ik ben al laat. Gelukkig is het zwembad dichtbij en ben ik er zo. Tijdens het inpakken flitsen er opeens gedachten door mijn hoofd. Als Saar nu nog geleefd zou hebben zou zij ongeveer dezelfde leeftijd hebben als de kinderen die nu mogen afzwemmen. Zou Saar dan ook hebben afgezwommen?

Ik denk aan Saar. In gedachten zie ik haar voor me in haar schattige badpak, versierd met leuke ruches. De gedachten razen door mijn hoofd, maar ik geef er geen aandacht aan, ik heb tenslotte haast.

Een paar minuten later zit ik op de fiets. Mijn benen voelen zwaar en mijn hart klopt in mijn keel. Ik voel een kriebelend druppeltje zweet over mijn lijf lopen. Wat raar, zo warm is het toch niet? Het voelt alsof ik al een hele tijd hard aan het fietsen ben, maar ik ben pas net een minuut onderweg. Als ik bij het zwembad aankom, zie ik een flink aantal auto’s en fietsen staan. Iedereen is al binnen, het is stil, alleen het geluid van mijn voetstappen over het grindpad zijn te horen. Ik kijk op mijn telefoon hoe laat het is. Ik ben nog op tijd. Ik pak mijn cadeau en loop naar de ingang. Als ik de deur opentrek komt de geur van chloor mij tegemoet.

Dan laat ik de deur met een klap dichtvallen. Ik draai ik me om en loop over het grindpad weg van het zwembad. Ik voel hoe de steentjes door mijn dunne schoenzolen heen prikken tot ik weer bij mijn fiets ben. Zonder na te denken stap ik op mijn fiets en rijd ik naar huis. Het gaat bijna vanzelf.

Eenmaal thuis steek ik mijn hand in mijn jaszak waar mijn huissleutel in moet zitten. Ik voel, maar er zit niets. Ook dat nog, ik ben mijn huissleutel vergeten. Met de zoute smaak van mijn tranen in mijn mond bel ik mijn partner. Gelukkig is hij met onze dochter om de hoek van de straat en zijn ze binnen een paar minuten thuis. Hij vraagt waarom ik al thuis ben en niet in het zwembad. Ik weet het niet, maar ergens weet ik het misschien wel. Het lukte niet, ik kon het niet. Een zaal vol met kinderen die misschien wel vriendjes of vriendinnetjes van Saar geweest zouden zijn. Een zaal vol, maar vooral een zaal zonder Saar. We kletsen over onze lieve Saar en over Boris en Simon.

Eigenlijk werd ik tijdens het inpakken al overvallen door mijn verdriet. Ik kan niet meer voor onze dochter Saar en zoons Boris en Simon zorgen, maar ik moet wel zorgen voor de liefde en het verdriet die ik voor hen voel. Nu ik ruimte aan de liefde, het gemis en verdriet geef, krijg ik letterlijk meer lucht.

We gaan nu samen naar het zwembad. We zijn nog net op tijd om het einde van de les door het raam te zien en we wachten bij de uitgang tot ons nichtje trots met haar zwemdiploma naar buiten komt. Wat een verrassing, dat we daar staan met een cadeau! De volgende keer lukt het mij vast weer om gewoon naar binnen te gaan.

lees meer...
Feestdagen

Feestdagen

De feestdagen komen eraan. Ik moet blij en gezellig zijn… maar vaak ben ik dat niet.

Het weer wordt onstuimiger en ik word onrustiger. Ieder jaar weer opnieuw.

De feestdagen komen eraan. Wat zijn het er veel. Ik realiseerde mij eigenlijk nooit zo goed dat de ‘ feestdagen’ voor zoveel mensen ook heel moeilijke dagen zijn. Het woord ‘feestdag’ impliceert in mijn ogen ook dat ik dan blij en gezellig moet zijn, maar vaak ben ik dat helemaal niet.

Ik vind de ‘feestdagen’ sinds Juliëtte er niet meer is helemaal niet zo’n feest. Het zijn eerder rouwdagen. Alsof die er nog niet genoeg in het jaar zijn.

Ik herinner mij de eerste Sinterklaas nadat Juliëtte was geboren en overleden nog zo goed. Ik stond daar met mijn twee levende kinderen in de menigte. Overal lachende en blije gezichten. Overal baby’s. Overal geluk. Ik voelde mij steeds zieker en zieker worden.

Kon dan niemand zien dat ik helemaal niet blij was? Dat ik zo ongelofelijk veel pijn had van het gemis van het kindje, dat hier bij ons in de kinderwagen had moeten liggen? Zagen ze dan niet dat ik alleen een masker had opgezet voor de kindjes die ik bij mij had? Ik wilde het wel uitschreeuwen: “Ik heb nóg een kindje! Zien jullie niet dat ik haar mis?”

Maar nee, daar was het niet de plek en de tijd voor. Ook al voelde ik zelf het bloed uit mijn gezicht wegtrekken, was ik lijkbleek, ik had kennelijk een enorme glimlach op mijn gezicht staan. Ja, het leek voor de buitenwereld alsof ik het feestje meevierde, want zo hoorde het… vieren op een feestdag.

Ik ervaar de intocht, het schoentje zetten en het dichten nog steeds als pijnlijk. Na zeven jaar weet ik ook niet meer zo goed wat ik voor Juliëtte op deze dagen moet kopen. Voorheen kocht ik babydingetjes voor haar. Een kerstbal, een konijntje onder de kerstboom, een beeldje van een engeltje voor in de kast. Maar de kasten worden voller en het besef dat zij niets met de cadeautjes doet wordt steeds duidelijker. Ik worstel ermee. Niets voor de Sint voor mijn allerliefste meisje-bij-de-sterren kopen is geen optie, maar als ik dan weer in de winkel sta te draaien, te twijfelen, na te denken… voel ik mij weer verslagen. Want tja, wat koop je voor een kind dat er niet meer is?

Ondertussen gaan de gedachten in mijn hoofd op en neer. Voor de andere kinderen kijken we het Sinterklaasjournaal. Juliëtte zou 7 zijn geweest. Het laatste jaar wellicht dat ze in de Sint zou geloven. Opnieuw gaan alle ‘wat als’-vragen door mijn hoofd. Het is zinloos en ik doe mijzelf iedere keer weer meer pijn door mij af te vragen hoe ze zou zijn, wie ze zou zijn. Ik besluit dat ik op dit moment alleen de schoencadeautjes ga kopen. Het kopen van alle cadeautjes voor de kinderen is te pijnlijk.

Nog niet vandaag. Ik ben er nog even niet klaar voor. Schoentje zetten, nee, dat kan ze echt niet. Ze heeft immers nooit schoenen gehad. Morgen is een nieuwe dag. Dan ga ik weer nadenken over hoe dit jaar de Sint eruit moet zien.

lees meer...
Onzichtbaarheid van jouw bestaan

Onzichtbaarheid van jouw bestaan

We lopen door een stadje en bekijken wat winkels. Ik kan het niet laten om ook even tussen de meisjeskleding te snuffelen. Ik zie allemaal schattige jurkjes en rokjes hangen. Oh, wat had ik die toch graag gekocht.

De dagen erna blijft er gek gevoel achter, waar ik eigenlijk geen vinger op kan leggen. Iedere dag dat we langer op vakantie zijn kom ik steeds een beetje dichter bij dit gevoel. En dan komt het toch ook weer binnen als een bom. De pijn, het verdriet en de rouw om jouw gemis. Ik blijf me erover verbazen dat ik dit gevoel dus toch met momenten weg blijf stoppen. En ja, weer op een moment van rust kan ik het pas toelaten. Ik durf te zeggen dat door de komst van onze zoon de scherpe randjes er wel af zijn. We genieten intens van alle momenten als kersvers gezinnetje.

Maar daar ligt dan voor mij ook hetgeen wat het als een bom in laat slaan. Een kersvers gezinnetje, dat is hoe de buitenwereld het zal zien. En dat, terwijl ik iedere dag juist struggle met de onzichtbaarheid van jouw bestaan.

Het is soms zo moeilijk om hierin de balans te vinden. Ik heb zoveel fijne momenten, waar ik eindelijk van kan en mag genieten. Maar aan de andere kant zijn de pijn en het verdriet van het missen er ook iedere dag. En juist die fijne momenten maken het soms ook weer zo enorm pijnlijk. En die onzichtbaarheid, die vind ik soms misschien nog wel het moeilijkst.

Iedere keer als het me toch weer overvalt hoop ik dat ik een volgende keer eerder toe ga geven aan het gevoel. Zou ik dat nog ooit gaan leren? Of is dit dan toch hoe rouwen gaat? Jouw verlies en het gemis gaan de rest van ons leven met ons mee.

lees meer...
Voor Fiene zullen wij nooit de vlag met een rugtas buitenhangen

Voor Fiene zullen wij nooit de vlag met een rugtas buitenhangen

De schoolverlatersavond op mijn werk staat voor twee avonden gepland. Beide avonden kan ik niet, echt niet. Ik ga wel naar de generale repetitie, deze plan ik tussen mijn afspraken bij ouders thuis.

Op weg naar de school waar ik twee dagen per week werk vallen de vlaggen met rugtassen mij extra op. Ik zag ze wel, maar liet ze niet binnen. Te pijnlijk, te hard, onverdraaglijk: voor Fiene zullen wij nooit de vlag met een rugtas buitenhangen. Zij zal nooit slagen voor haar examen, zal nooit een musical doen, zal nooit een schoolverlatersavond hebben.

Al weken ben ik onrustig, rustig onrustig. Het valt mijzelf bijna niet eens op. Mijn lijf voelt loom, mistig, licht gespannen, moe. Met wat chocolade voor een bom aan suikers merk ik er eigenlijk niets van. Nou ja, mijn broek gaat er wat strakker van zitten maar voor even is dat lome, mistige gevoel weg. Ik wil niet toegeven dat ook na 12 jaar het gemis nog zo groot is. Dat de toekomst die ik 12 jaar geleden voor ogen had er niet is en nooit zal komen. De vragen die in mijn hoofd rondspoken maken me onrustig, verdrietig en geven mij geen houvast. De lichamelijke klachten die ik al weken voel zijn allemaal te verklaren, het toegeven is alleen een stap te ver.

Ik wil houvast, duidelijkheid en controle hebben. Controle dat ik weet dat ik mijn andere kinderen zal overleven. Dat ze gelukkig zijn, gezond en straks een heel fijn leven krijgen. Dat ze altijd de goede personen tegenkomen en altijd drie keer kijken of ze kunnen oversteken en dat ze nooit op het verkeerde moment op de verkeerde plaats zijn. Dat Niels en ik ooit, als we minimaal 85 jaar oud zijn, samen gezond naar bed gaan en dan beiden niet meer wakker worden, omdat ons hart te oud is geworden. Dat ik nooit meer zo’n groot verlies hoef te lijden. Ik weet dat dat niet zo is. Ik weet dat het niet kan en dat maakt mij soms zo angstig.

Fiene deed afgelopen schooljaar geen musical, ging niet op kamp, had geen schoolverlatersavond. Daar zit ik dan in het donker bij de generale repetitie met lood in mijn schoenen en tranen in mijn ogen. Met tranen vol trots hoe deze leerlingen zich hebben ontwikkeld en een super mooie avond in elkaar hebben gedraaid met de hulp van hun leerkrachten… Tranen vol gemis om mijn kleine, lieve, mooie en dappere Fiene, die nooit ouder zal worden dan vier minuutjes.

lees meer...
Het kaarsje gaat nog steeds mee

Het kaarsje gaat nog steeds mee

De caravan staat weer voor de deur en we zijn bijna klaar met inpakken. Om ons heen spelen twee kinderen die heel veel zin hebben in de vakantie. Ze blijven vragen wanneer we gaan en hoelang dat nog duurt. Ze hebben net hun knuffels al in de auto gelegd, maar hebben nog niet door dat ze die vannacht nog in hun eigen bed nodig hebben!

Terwijl ik door de caravan loop, probeer ik te bedenken of ik iets vergeten ben. Tot nu toe lijkt het allemaal goed te gaan. Stiekem ben ik best een beetje trots, want dat is in de afgelopen jaren ook wel eens anders geweest. Dan kijk ik naar het hoofdeinde van ons bed. Daar is een plankje waar ik altijd mijn waardevolle spullen op zet. Terwijl ik kijk, weet ik wat ik ben vergeten of eigenlijk morgen niet mag vergeten. De foto en het nepkaarsje van Mees. Die staan altijd daar als we met de caravan op pad zijn.

Terug naar de eerste keer op zomervakantie na de geboorte en het overlijden van Mees:

We gingen toen nog met de tent op vakantie. Voor twee weken naar Frankrijk.. Het was gek om zo lang en zo ver weg te gaan, terwijl onze lieve Mees thuis in zijn hart op de kast bleef. Tja… Ik had erover nagedacht om Mees met zijn hart mee te nemen, maar wist eigenlijk ook wel dat dit geen optie was. Bij eerdere weekendjes weg had ik gemerkt hoe fijn het was als Mees’ foto met een kaarsje mee was. Dus ook deze vakantie besloten we om Mees’ foto met nu een nepkaarsje mee te nemen. Al voelde het verschrikkelijk dat we Mees thuislieten. Alleen thuis… Of met de kat samen dan, maar dat voelde heel raar en niet zoals het moest zijn. Uiteindelijk kwamen mijn schoonouders een weekje op ons huis passen dus zij konden ook voor Mees zorgen, door toch in dat weekje zijn kaarsje aan te doen. Dat voelde toch iets beter. Ondertussen was hij door het nepkaarsje en de foto in de tent ook met ons mee op vakantie.

Terug naar dat moment in de caravan.

Dus dat nepkaarsje moet ik even opzoeken en zorgen dat dit nog in de caravan komt. De foto pak ik morgen pas, want die staat nog op Mees’ kast in de woonkamer. Maar die moet ik dus zeker niet vergeten!

Na vier jaar gaat Mees nog steeds met ons mee. De tastbaarheid van die foto en dat kaarsje blijven ook dit vierde jaar belangrijk. In ieder geval belangrijk voor mij. Mees gaat op deze manier met ons mee op vakantie! Zoals het ook had moeten zijn… Dan loopt ons meisje de caravan binnen en vertelt me dat we Mees niet moeten vergeten! De lieverd! Ik geef haar een dikke knuffel en fluister in haar oor dat het goed is dat ze aan haar broertje denkt, maar ook dat ze haar knuffels vannacht nog nodig heeft in haar eigen bed. Morgen gaan we echt! We zijn er bijna klaar voor!

Mama van een sterretje

lees meer...