0

Categorie: Blog

Waarom kunnen wij niet genieten van jouw eerste keer buitenspelen in het warme zonnetje?

Waarom kunnen wij niet genieten van jouw eerste keer buitenspelen in het warme zonnetje?

Het is vroeg in de ochtend. Het zonnetje schijnt al fel. Ik drink koffie aan de grote picknicktafel in de voortuin. Even een momentje rust in de drukte van alledag. Ik staar wat voor me uit.

Drie kinderen komen voorbij. Het laatste kind is nog erg klein. Ik denk een jaar of twee. Op een klein loopautootje. Ik denk dat je er net op bent gaan oefenen, want je komt nog niet echt soepel vooruit. Jouw papa schuifelt er langzaam achteraan en duwt je met zijn voet steeds wat verder vooruit. Je zegt ‘hee’ en wijst naar alles wat je op je weg tegenkomt. Het overvalt me. Ik denk aan Sue. Wat zou ons lieve, kleine krullenbolletje nu allemaal zeggen tegen alles wat ze op haar weg was tegengekomen? Zou je al lopen? Zou ik constant achter je aan moeten rennen? En wat zouden je eerste woordjes eigenlijk zijn geweest? Ook ‘hee’, of toch ‘papa’ of ‘mama’?

Ik voel een traan over mijn wang biggelen. Oh, wat mis ik jou, meisje. Vaak ben ik ‘sterk’ zoals velen mij zeggen en leef je met ons mee op de achtergrond. Je bent er altijd bij, houd ik mijzelf dan voor. En dat zeg ik ook steeds als we het over jou hebben. Maar op dit soort momenten overvalt het gemis mij ontzettend. Ik val terug in gedachten dat het allemaal zo oneerlijk is. Waarom kunnen wij niet genieten van jouw eerste keer buitenspelen in het warme zonnetje? Waarom moeten wij iedere dag gaan slapen en opstaan met jou te moeten missen?     

Je bent er op deze momenten eigenlijk helemaal niet bij, want je bent niet lijfelijk bij ons aanwezig. We kunnen je niet zien, niet aanraken, niet voelen, niet ruiken. We kunnen alleen zoveel mogelijk aan je denken. Jou er in ons leven van nu bij denken. En dat voelt eigenlijk allesbehalve compleet. Voor de buitenwereld, voor vreemden die ons niet goed kennen, heb je niet eens bestaan! Dat besef doet intens pijn. Ze zien dan alleen de ‘gelukkige’ papa en mama van jouw lieve kleine broertje. Want die is er nu wel…

Gelukkig weet ik dat deze bewuste momenten, zoals nu aan de picknicktafel, voor even zijn. Ergens op deze dag zal het mij weer lukken om te denken dat jij er wel écht altijd bij bent.

En in gedachten schuifel ik op een zonovergoten dag dan langzaam achter jou aan. Je roept ‘hee’ bij alles wat je op jouw ontdekkingsreis in de wereld tegenkomt. Jij op je kleine loopfietsje en met mijn voet duw ik je langzaam vooruit…

lees meer...
Word ik ooit weer gelukkig?

Word ik ooit weer gelukkig?

Wat heb ik dit vaak gedacht. Toen ik hoorde dat je niet gezond was en dat we jou kwijt zouden raken heb ik gehuild, heel veel gehuild. Weet je dat je tranen nooit opraken? Ze bleven maar komen, ik wist niet hoe ze te stoppen. Ik huilde dagenlang. Met en zonder geluid. Het gevoel dat mijn hoofd ieder moment kon exploderen. Ik bleef vaak liggen in bed, met mijn kussen nat van de tranen. Doorweekt draaide ik het kussen na verloop van tijd om op de andere kant verder te huilen.

Jouw papa wist niet meer hoe hij mij kon troosten. Hij probeerde het wel, maar door zijn verdriet en zijn blik vol moedeloosheid werd mijn verdriet alleen maar groter. Zijn verdriet was anders en het was vooral verdriet om mij.

De tekst die wij op het geboortekaartje hadden staan was niet zomaar uitgekozen maar dat het zo zou kloppen, dat had ik niet verwacht. Of wel? Misschien had ik gehoopt dat het niet zo erg zou zijn.

“Niemand die weten kan
hoeveel ik van je hou
Niemand die mij troosten kan
in mijn verdriet om jou
Niemand die begrijpen zal
hoe vreselijk ik je mis
Niemand die beseffen zal
hoe erg die pijn wel is.”

Het klopte allemaal.

Mensen die niet snapten hoeveel ik van jou zou kunnen houden, terwijl ik niet de kans had gekregen om je te leren kennen toen je na 17 minuten in mijn armen stierf.

Alle mensen die om mij heen stonden, maar mijn verdriet niet konden wegnemen.

Zoveel vragen: of jouw dood al een plekje had gekregen, terwijl het gemis telkens groter werd.

En de pijn, de onbeschrijfelijke pijn van een hart dat uit elkaar gerukt is.

Langzaamaan is mijn hart gelijmd, heb ik mijn hart gelijmd. Stukje voor stukje. Ik heb keihard moeten werken om mijn hart weer heel te maken. Eerlijk? Ik kreeg wel een beetje hulp. Met name van jouw papa en je broertjes die mij door de zwaarste dagen sleepten.

Het is geen gaaf hart meer geworden. Je ziet de lijmresten zitten en er missen kleine stukjes. Stukjes die te ver uit elkaar gebrokkeld zijn om ze nog te lijmen. Ik ben trots op mijn gehavende, maar herstelde hart. Het is goed genoeg. Genoeg om lief te hebben, liefde te ontvangen en bovenal doet het mij continu herinneren aan jou.

Jij, mijn grote liefde, mijn lieve baby, mijn trots. Ik mis je kleintje, al 7 jaar, maar ik heb het geluk opnieuw gevonden. En ik denk, nee ik weet zeker, dat jij dat had gewild, hoe schuldig ik mij vaak voel over dat geluk.

Ik ben gelukkig, met jou in mijn hart.

lees meer...
Zolang we blijven rouwen is er houden van

Zolang we blijven rouwen is er houden van

Ik loop het pad af en zie je zitten. Je bent er al. Gehurkt voor zijn plekje met je rug naar mij toe. Kippenvel. Het ontroert me zo intens. Een traan loopt over mijn wang en ik slik. Even sta ik stil en zucht. ‘Meisje toch,’ denk ik. 

Ik had zo gehoopt dat ik de statistieken had gedekt met het verlies van Sue. En dat in onze vriendenkring niemand ooit nog te maken zou krijgen met zo’n immens verdrietig en heftig verlies. Niets bleek minder waar. Daar waar jij er vier jaar geleden bij was -het afscheid van onze Sue- sta jij er nu zelf voor. 

Jullie liefste zoon werd geboren met 37 weken. Zo mooi, maar zo stil. Je voelde geen hartslag meer. Dat, waar je zo verschrikkelijk bang voor was omdat je ons verhaal kende, overkwam jou. Ongelofelijk. Vier weken geleden bracht je hem weg. Een bizar onmenselijke taak. 

En daar zit je nu. Gehurkt. En ik kan het zeggen: ik weet zo waar je nu midden in zit. Ik weet zó hoe zwart het voelt… 

We hebben afgesproken. Op de plek waar jouw lieve Daan en mijn lieve Sue liggen. Dicht bij elkaar. Samen. Zo hebben ze elkaar, daar waar ze ook mogen zijn, vertelde je toen we het er over hadden waar jullie Daan een plekje zouden geven. Wat een prachtig gebaar. Mooi en tegelijkertijd zo verdrietig… 

Het is oudejaarsdag. Ik wilde je graag zien. Vasthouden en even niet loslaten. Jij had behoefte om even samen te gaan. Met alle liefde. In mijn rugzak thee en ook iets sterkers. Glazen ingepakt in keukenrol. 

Samen zitten we daar. Kletsen. Huilen. Maar ook lachen. Van intens verdriet naar even heerlijk lachen en weer terug naar het verdriet. Want dat mag er allebei zijn. Proostend op dat wat ons samen voor altijd zal verbinden. 

Je zegt dat zolang we blijven rouwen er houden van is. En zo is het.

lees meer...
Moederdag

Moederdag

Op Moederdag staan we er even extra bij stil dat ik moeder ben. Ook al zijn ze niet bij ons, onze kinderen waren wel bij ons. Ze hebben mij moeder gemaakt.

Ik sta in de rij bij de bakker om een brood te kopen. De mierzoete lucht van een taart komt mij tegemoet. Als ik rondkijk zie ik niets anders dan tompoezen met hartjes, marsepeinen taarten, gedecoreerd met liefste moeder en koekjes met roze glazuur. Ik probeer me te focussen op het brood. Ik wil er gewoon niets van weten, gewoon niks, maar het lijkt me toe te schreeuwen: in de etalages, in reclames op televisie, in slogans op de radio, het is ineens overal. Alles kleurt roze en rood of verandert in de vorm van een hart. ‘’Wilt u anders nog iets mevrouw? We hebben een leuke aanbieding: als u nu een moederdagschnitt koopt, krijgt u er gratis ambachtelijke hartenbeschuiten bij.” “Nee dank uw wel mevrouw,” zeg ik. Ik reken af en loop de winkel uit.

Bij iedere herinnering voel ik het door mijn hele lijf. Pijn, gemis en een stukje jaloezie. Deze Moederdag had ik nog zwanger moeten zijn, mijn kindje had nog moeten leven in mijn buik. Maar er is geen kindje meer. Het is zo eenzaam en zo leeg.

Voor Moederdag wil ik twee boeketten laten maken om aan mijn moeder en schoonmoeder te geven. Ik stap de bloemenwinkel binnen en zie dat het erg druk is, natuurlijk is het druk want het is morgen Moederdag. Ik spreek mezelf moed in: ik kan dit, gewoon even bloemen halen dat moet toch niet zo moeilijk zijn? De stemming is vrolijk en iedereen kiest iets moois uit. Er zijn veel kinderen in de winkel die iets uitzoeken voor Moederdag. Ik voel dat mijn ogen vollopen. Gedachten over hoe anders het had kunnen zijn als Boris er was geweest overheersen. Ik kan niet goed meer nadenken. Ik pak twee kant-en- klare boeketten, het maakt niet uit hoe ze eruitzien. Ik reken af en ga zo snel mogelijk naar de auto. In de auto laat ik mijn tranen de vrije loop.

Dan is het zondag, Moederdag. Ik lig in bed, met mijn ogen nog gesloten. Ik ruik de geur van versgebakken croissants. Even later komt mijn lief de slaapkamer in met een heerlijk ontbijtje en een pakje. Dit had ik totaal niet zien aankomen. Hij zegt: “Lieverd, onze Boris is niet hier bij ons, maar je bent wel zijn moeder. Hij heeft jou moeder gemaakt en ik heb gezien en ik zie nog steeds hoeveel moederliefde jij voor onze zoon hebt.’’ Hij had gelijk en hij heeft nu jaren later nog steeds gelijk. Ik hoef niet te doen alsof het geen Moederdag voor mij is, natuurlijk is het ook Moederdag voor mij, ik ben moeder. Ik vraag me af waarom ik er zo tegen heb gevochten.

Sindsdien vecht ik niet meer. Nog steeds vind ik de aanloop naar Moederdag moeilijk en ook Moederdag zelf is voor mij geen gemakkelijke dag. Het is wel makkelijker geworden, want op deze dag staan we er even extra bij stil dat ik moeder ben, staan we extra stil bij de kinderen die we hebben gekregen ook al zijn ze niet bij ons. Ze waren wel bij ons. Ze hebben mij moeder gemaakt.

Ik besef meer dan ooit dat Moederdag zeker niet voor iedereen een leuke dag is. Kinderen die hun moeder moeten missen, kinderen die geen contact meer hebben met hun moeder of moeders zonder contact met hun kind, wensmoeders die zo graag een kindje willen of hadden gewild en moeders die hun kind moeten missen. Voor al deze moeders wens ik een beetje extra liefde op deze Moederdag.

lees meer...
Van harte gefeliciteerd mijn meisje van de sterren

Van harte gefeliciteerd mijn meisje van de sterren

Ik heb een dag vrij genomen. Midden in april. De laatste jaren is het helaas zo dat de maand voorafgaand aan Juliëtte* haar verjaardag wellicht zwaarder is dan Juliëtte* haar eigen maand. Mijn hoofd is druk en overvol. De tranen drukken continue achter mijn ogen. Het is een dagelijks gevecht. Een gevecht dat ik vaak verlies. Nog altijd word ik zo overvallen door mijn verdriet. Mijn hart is zo gebroken. Met elke vezel in mijn lichaam verlang ik naar mijn mooie sterrenmeisje. Waarom moest je gaan?

Dit jaar plan ik voor het eerst twee (ver)jaardagen in mei. Die van Juliëtte* en die van haar mooie lieve schattige en altijd vrolijke regenboogzusje. Hoewel Colette verlichting brengt merk ik ook dat ik het ingewikkeld vind. Aan de ene kant zo blij met de kinderen die hier bij mij zijn aan de andere kant zo gebroken door gemis. Al weken zoek ik naar een soort van cadeau voor Juliëtte* maar het is helaas maar beperkt wat je je overleden kind cadeau kan doen. Ik realiseer mij wederom dat er niets uit te pakken is en dat het per jaar lastiger wordt.

In het kader van mijn opleiding tot ritueelbegeleider besluit ik dit jaar iets nieuws te verzinnen. Tot vorig jaar lieten we eigenlijk altijd ballonnen op, maar ik voel mij schuldig tegenover de natuur. Dit jaar gaan we hemelpost sturen. Een ritueel dat iedereen bij mij thuis kan uitvoeren op welk moment dan ook. Ik heb weer een doel rondom haar (ver)jaardag en ik ga op zoek naar de mooiste vuurschaal die ik kan vinden. Ieder kind dat langskomt zal een mooie tekening maken en ik schrijf een brief. Speciaal voor mijn sterrenmeisje. Op jouw verjaardag lees ik het voor aan de leden van ons gezin en daarna zal ik hem verbranden zodat de woorden in as opgaan en als kleine deeltjes naar jou toe zullen dwarrelen.

We zullen voor je zingen en taart eten en je in alle liefde vasthouden. Want jij, lieve mooie Juliëtte*, jij hoort er altijd bij. Van harte gefeliciteerd mijn meisje van de sterren…. We missen je.

lees meer...
Zes jaar verder, maar nog altijd gebroken

Zes jaar verder, maar nog altijd gebroken

Die vreselijke facebook-herinneringen. Ik zou het moeten uitzetten, maar toch doe ik het niet. Vandaag zes jaar geleden… de foto’s die ik liet maken van mijn zwangerschap. De zwangerschap die ik tegelijkertijd met mijn zus deelde.

We gingen samen op de foto, want dat was zo leuk voor onze toekomstige kinderen. Ondanks dat ik continu erg ziek was van mijn zwangerschap vond ik deze fotoshoot zo fijn en zo speciaal. Ik was ervan overtuigd dat onze kinderen beste vrienden zouden worden en samen zouden spelen. Ik genoot van het meisje in mijn buik. De foto’s waren prachtig. Ik straalde van blijdschap. Een derde dochter. Het leven kon niet mooier. Wat een geluksvogel was ik.

Al snel werd de tijd schimmiger… er zou wellicht iets aan de hand zijn met mijn neefje. Meerdere angstige momenten maakten we door. Ik voelde een zinnetje door mijn achterhoofd spoken… wat als we hem kwijtraken of wat als we onze dochter kwijtraken? Nee, zo mag je niet denken. Het komt goed… alles komt goed.

In maart wordt ons lieve neefje gezond geboren. Ik slaak een zucht van opluchting, maar al snel overvalt mij weer het onbehagelijke gevoel dat ik ergens diep in mij mijn hele zwangerschap al meedraag. Ik zeg maar niks… het zal wel niks zijn. Op een middag sta ik op de trap en voor de zoveelste keer merk ik op dat ik de lieve baby in mijn buik zo weinig voel bewegen. Voor de zoveelste keer deze zwangerschap bel ik het ziekenhuis en word ik aan de CTG gelegd. Nee hoor mevrouw, ze doet het geweldig hoor ik weer.

Het knaagt en knaagt en knaagt. Ik zie mijzelf niet als een overbezorgde moeder en toch laat ik mij wegsturen… Dit riedeltje speelt zich nog zo vaak af in mijn hoofd. Ik weet dat de uitkomst niet anders was geweest. Juliëtte* was niet te redden, maar toch… het altijd ‘wat als’ scenario blijft in mijn hoofd hangen. Ik kan het niet parkeren… De facebook-herinneringen schoppen mij iedere keer weer terug naar maart 2016.

Hier begint mijn herbeleving opnieuw… in maart 2022. Zes jaar verder, maar nog altijd gebroken. Een gebroken hart dat nooit meer heelt. Vanaf nu ga ik weer toeleven naar Juliëttes jaardag en de dag waarop we afscheid van haar moesten nemen. Opnieuw ben ik bang voor de maanden die komen gaan… opnieuw voel ik de pijn van dit gigantische gemis.

lees meer...
Nog even en onze hele tuin staat in bloei met bloemen van Boris, Saar en Simon

Nog even en onze hele tuin staat in bloei met bloemen van Boris, Saar en Simon

Het is een zonnige dag. Ik geniet van mijn ontbijt aan de tuintafel. Terwijl de ochtendzonnestralen landen op mijn lijf neem ik een slok van mijn cappuccino. Het is stil buiten, ik hoor alleen wat vogels fluiten. Mijn oog valt op de knop van een bloem en er ontstaat meteen een glimlach op mijn gezicht. Nieuwsgierig loop ik met mijn cappuccino nog in mijn hand de tuin in, op zoek naar meer knoppen. Ik ben benieuwd naar de kleur van de bloem die uit gaat komen, welke kleur zal het zijn? Roze, geel of paars?

De dag waarop je moeder wordt, verandert je leven. Bij mij is dit niet anders; wat wel anders is, is dat ons kindje niet meer leefde. Sinds het overlijden van onze kinderen is het een zoektocht naar hoe het gewone leven verdergaat, want het gewone leven, zoals het was, bestaat niet meer. Er zijn drie prachtige kinderen bij gekomen; ze zijn overleden, ze zijn niet meer hier, maar ze zijn vol aanwezig in ons leven. Zo ook tijdens de feestdagen. Dit zijn de laatste jaren niet de gemakkelijkste dagen van het jaar. Ik denk dan aan hoe het geweest zou zijn. Een gedekte tafel, ieder in zijn mooiste kerstoutfit en onder de kerstboom een berg cadeautjes, ingepakt in glimmend papier met mooie versieringen. Met het hele gezin de auto, op weg naar familie, waar we het kerstfeest voortzetten. Als ik daaraan denk krijg ik een brok in mijn keel, want dat het nu zo anders is doet pijn.

Afgelopen Kerstmis stond onze kerstboom te stralen in de woonkamer. Gezellige lampjes, glimmende ballen en de dennengeur kwam je al tegemoet wanneer je ons huis binnenstapte. Onder de boom lagen wat cadeaus, vooraan stonden drie rechthoekige cadeautjes waarvan er een voor Boris, een voor Saar en een voor Simon was. Ook al waren deze cadeautjes niet voor mij, het waren wel de leukste cadeautjes onder de kerstboom. Het noemen van hun namen en de aandacht die er voor onze kinderen is voelt voor mij altijd al als een cadeautje. Ze kregen alle drie een eigen doosje met verschillende soorten bloemzaadjes. Boris kreeg een gele bloemenmix, Simon een paarse bloemenmix, en Saar een roze bloemenmix.

Even later verdeelde ik samen met mijn lief de bloemzaadjes door onze tuin zodat de bloemen deze zomer lekker kunnen pronken!

Ik neem de laatste slok van mijn cappuccino en voel een warm en blij gevoel door mijn lijf stromen. Vandaag zal er weer een mooie bloem uitkomen! Ik loop rustig door de tuin, bekijk de bloemen die er al staan en ga op zoek naar nieuwe bloemknoppen. Bij nieuwe bloemknoppen hoop ik een glimp van de kleur van de bloem te ontdekken. Het blijft nog even een verassing, maar het lijkt erop dat er vandaag een paarse bloem van Simon uit gaat komen. Soms fantaseren we over wat hun lievelingsbloem zou zijn. We bedenken welke bloem ze zelf uit zouden kiezen. Deze bloemen plukken we en nemen we mee naar de begraafplaats, waar ze verder kunnen uitbloeien.

Wat een heerlijk gevoel is dit! Nog even en onze hele tuin staat in bloei met bloemen van Boris, Saar en Simon!

lees meer...
Het blauwe koffertje

Het blauwe koffertje

Vroeger, toen ik zelf nog heel klein was, logeerde ik veel bij mijn opa en oma. Ik was er het liefst ieder weekend én iedere vakantie, want ik had het er altijd ontzettend fijn. Samen struinen over de markt in de stad, softijsjes eten want daar was oma ook zo dol op, samen op vakantie naar een camping in Limburg. Altijd werd er wel iets ondernomen. We hadden de grootste lol met elkaar.

Ik nam altijd een klein, blauw koffertje mee als ik bij opa en oma ging logeren. Zo’n kinderkoffertje. Daar verzamelde ik dan de spulletjes in die op dat moment voor mij het allerbelangrijkst waren. Een knuffeltje, een barbiepop maar ook mijn pyjama. Als mijn ouders vroegen wat ik ging doen, dan zei ik altijd: ‘Ik ga bij opa en oma wonen!’ Dat koffertje is heen en weer gesleept totdat het aan de zijkanten versleten raakte en de touwtjes, waarmee het koffertje tot een geheel was gemaakt, deels loslieten. Ik heb het koffertje nog steeds.

Toen mijn lieve oma overleed, schreef ik een mooie afscheidsbrief die ik graag wilde voordragen. Zo veel mooie herinneringen. We waren vier handen op één buik. Ik móest dit doen. Op het allerlaatste moment, voor vertrek naar de crematieplechtigheid, zag ik in het washok het blauwe koffertje staan. Ik nam het in een opwelling mee en stopte de brief erin. Toen mijn naam tijdens de plechtigheid werd genoemd en ik mocht gaan spreken, ‘sleepte’ ik het koffertje mee zoals ik dat altijd gedaan had. Voor de rest van de mensen daar was het een gewoon, blauw koffertje. Vanuit mijn ooghoeken zag ik dat het mijn ouders emotioneerde, want zij wisten wel wat dat blauwe koffertje had betekend…

Wat waren wij blij toen we in verwachting waren. We konden ons geluk niet op! Een kleintje was bij ons zó welkom! Ik kon ook niet wachten tot we wisten wat jij zou zijn. Op een zondag gingen we even buiten de deur lunchen. Ik was toen zo’n 12 weken zwanger. In het restaurant waar we waren, verkochten ze souvenirs. Zo ook van die kleine kinderkoffertjes in allerlei kleuren. Het bracht mij in gedachten terug naar de fijne tijd bij mijn opa en oma en daarmee de fijne herinneringen van mijn blauwe koffertje…

Ik vertelde mijn lief over het blauwe koffertje en terwijl ik dit deelde, kwam ik op een idee. Ik kocht er daar een. Een lichtgroene. Ik bedacht, dat als we mijn ouders zouden vertellen wat de kleine in mijn buik zou zijn, dat we dan iets in het koffertje zouden stoppen. In de hoop dat ons kleintje in de toekomst ook zulke ontzettend fijne herinneringen aan zijn of haar opa en oma zou hebben en het koffertje ook zou gaan
meeslepen tot het versleten was. Zoals ik dat ook altijd gedaan had.

Eindelijk wisten we wat jij was. We kochten een pyjamaatje. Roze. We deden dit in het lichtgroene koffertje en gaven het aan opa en oma. Oma zag het koffertje en schoot meteen vol. Zo blij met de komst van nóg een kleindochter én ze vond het zo mooi om ook zo’n koffertje met daarmee de emotionele lading te ontvangen. Ze wist meteen dat het sloeg op mijn versleten koffertje dat ik altijd met mij meedroeg…

Jouw opa en oma hebben het lichtgroene koffertje met jouw roze pyjamaatje nog steeds, liefste Sue. Mijn hart breekt telkens in duizend stukjes wanneer ik het zie staan. Wat doet het intens veel pijn en verdriet dat jij het koffertje nooit, net als ik, met je zal mee zal slepen naar jouw opa en oma. Dat jouw lieve, roze pyjamaatje onbeslapen in het groene koffertje opgeborgen zal blijven, samen met alle spulletjes die opa en oma in de afgelopen tijd van jou hebben verzameld. En dat je ons nooit zal zeggen, als we vragen wat jij gaat doen: ‘Ik ga bij opa en oma wonen!’

lees meer...