Met mijn blote voeten voel ik de kou van de vloer terwijl ik in de kast zoek naar een rol inpakpapier. Hebbes! Zorgvuldig knip ik een stuk af dat precies past. Ik vouw de hoekjes om en plak ze vast met plakband. Ik kies een glinsterend lintje en knoop het om het cadeau.
Deze week is het tien jaar geleden dat Saar in ons leven kwam. Tien jaar geleden mochten we haar ontmoeten, maar moesten we tegelijkertijd ook afscheid van haar nemen. Als ik mijn ogen sluit, ben ik zo weer terug in dat moment. Ik ruik, ik voel en ik zie alles weer. Het is tien jaar geleden, maar tegelijkertijd voelt het als de dag van gisteren.
Op 25 juni 2016 om 00.54 uur was ze daar: onze Saar. Met haar mooie vingertjes, een schattig neusje, piepkleine oortjes en lange beentjes. Ze lag in een mandje, een mandje dat speciaal en met liefde gemaakt was voor kindjes die te vroeg en levenloos worden geboren. We maakten ontelbaar veel foto’s van ons prachtige, maar stille meisje.
Ook nu, tien jaar later, proef ik het zout rond mijn mond van de tranen die over mijn wangen lopen. Hoewel ze er fysiek niet meer is, is er in die tien jaar veel gebeurd met haar. Saar heeft haar eigen plek gekregen in mijn leven. Ik ben gewend geraakt aan de pijn en het verdriet. Als ik nu aan haar denk, voel ik vooral warmte en liefde. Tegelijkertijd mis ik haar.
Als ze bij ons had mogen blijven, hoe zou het nu met haar gaan? Hoe anders zou het zijn geweest als ze zelf een cadeau had mogen uitpakken? Ik zou nog steeds het mooiste inpakpapier gebruiken dat ik kon vinden en het net zo zorgvuldig met een glimmend lintje inpakken. Wat zou ik dan hebben ingepakt? Waar zou ze van houden? Ik weet het niet en ik zal het nooit weten.
Saar is mijn kleine meisje en zal dat voor altijd blijven. Ook al is ze er niet, ze is er altijd – dicht bij mij. In de afgelopen tien jaar is er geen dag geweest dat ik niet aan haar heb gedacht. En ik weet zeker dat die dag er ook nooit zal komen. Gelukkig niet, want ze hoort bij mij. Net als haar broers Simon en Boris die in 2015 en 2018, net als zij, te vroeg en stil werden geboren. Ik draag hen altijd bij me, in alles wat ik doe, met een liefde die nooit verdwijnt.
Ik kijk nog even naar het cadeautje dat ik zojuist heb ingepakt. De lamp laat het glimmende lintje glinsteren. Er zit een boek in. De zusjes van Saar mogen het op haar jaardag openmaken. Het boekje gaat over het verlies van een broertje of zusje. Een van haar zusjes is drieënhalf en langzaam kan ik steeds meer vertellen over wie Saar was en wie haar broers Simon en Boris waren, en wie ze voor altijd zullen zijn.
Nog een paar dagen, en dan lezen we ze een mooi boek voor. Op de dag van onze lieve Saar.
