Babysterfte

Elke dag overlijden in ons land 3 á 4 kinderen rond de geboorte. Op jaarbasis is dat met ruim 1.200 baby’s die overlijden een aanzienlijk aantal. Dat getal kan en moet naar beneden. Daarvoor maakt Stille Levens zich sterk en helpen we ouders en zorgverleners de perinatale zorg te verbeteren. Onder andere door informatie te geven en onderzoek te stimuleren.

Prevalentie: cijfers en statistieken

Babysterfte rond de geboorte heet in de geboortezorg perinatale sterfte. Babysterfte wordt onderverdeeld in doodgeboorte vanaf een zwangerschapsduur van 22 weken (foetale sterfte) en sterfte tot 28 dagen na de geboorte (neonatale sterfte).

Volgens de meest recente cijfers, uit 2016, overleden er 1.231 baby’s (7,3 per 1000 geboorten) vóór, tijdens of in de eerste 28 dagen na de geboorte na een zwangerschapsduur van 22 weken of meer. De meeste baby’s overlijden bij een zeer vroege geboorte tussen de 22ste en 28ste week van de zwangerschap. Twee derde van de baby’s die overlijden, zijn geboren voor de 28ste week van de zwangerschap.

In 2016 werden 811 kinderen doodgeboren na een zwangerschap van 22 weken of meer (4,8 per 1.000 levend- en doodgeborenen). In de eerste 28 dagen na de geboorte overleden 420 kinderen, ofwel 2,5 per 1.000 levendgeborenen (neonatale sterfte).

Sterfte rond de geboorte komt vaker voor bij pasgeborenen van Antilliaanse/Arubaanse, Surinaamse, Marokkaanse of Turkse afkomst.

Doodsoorzaak onbekend
Bij ongeveer één op de drie doodgeboren kinderen is de exacte oorzaak onduidelijk en wordt de doodsoorzaak  als ‘onbekend’ geregistreerd. Er is nog steeds heel veel onbekend over de oorzaken van doodgeboorte.

Perinatale sterfte over een langere tijd is sterk gedaald
Verheugend is dat tussen 2000 en 2016 de perinatale sterfte met 39% is afgenomen van 11,9 per 1.000 baby’s in 2000 naar 7,3 per 1.000 in 2016. Verklaringen hiervoor zijn onder meer:

  • minder rokende moeders en minder meerlingzwangerschappen;
  • mogelijk daling door invloed van ontwikkelingen in de zorg;
  • mogelijk daling door keizersneden bij stuitligging;
  • een betere behandeling van extreem vroeg geboren kinderen.

Registreren en kwaliteitsverbetering

Gegevens over de perinatale zorg worden door alle zorgverleners vastgelegd in de perinatale registratie. Deze registratie vormt mede de basis voor de perinatale audit. Via zo’n perinatale audit wordt kritisch gekeken hoe de betrokken zorgverleners zorg hebben verleend aan de vrouw, haar partner en het kind. De audit wordt op een gestructureerde manier uitgevoerd. Het uiteindelijke doel van de audit is om te komen tot een verbetering van de zorg.

De informatie die uit de perinatale audits naar voren komt, is van belang bij de zorg rondom bepaalde aandoeningen of ziektebeelden (morbiditeit) of sterfte (mortaliteit) voor, tijdens of na de geboorte van de baby. De perinatale sterfte in Nederland is sinds de start van de audits flink gedaald. Zowel de registratie als de perinatale audits vallen onder de verantwoordelijkheid van Perined. Deze stichting ondersteunt zorgverleners in de geboortezorg bij het bewaken en verbeteren van hun kwaliteit. Dat gebeurt met (financiële) steun van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (WVS).

Definities van babysterfte en perinatale sterftecijfers

Bij het gebruik van perinatale sterftecijfers en het maken van vergelijkingen is het van belang te weten vanaf welke zwangerschapsduur en/of geboortegewicht wordt gerekend én welke periode na de bevalling in de cijfers wordt meegenomen.

Uitleg van de verschillende begrippen:

  • Foetale sterfte: doodgeboorte tijdens zwangerschap of bevalling. De hoogte van dit sterftecijfer is sterk afhankelijk van de zwangerschapsduur (vanaf 22, 24 of 28 weken). Het gaat om het moment vanaf de sterfte waarmee wordt gerekend.
  • Neonatale sterfte: sterfte van levend geboren baby’s binnen 28 dagen na de geboorte. Dit is verder onder te verdelen in:
    - vroege neonatale sterfte: sterfte binnen 7 dagen na de bevalling (1e week).
    - late neonatale sterfte: sterfte tussen 7 en 28 dagen na de bevalling (2e - 4e week).
    - totale neonatale sterfte: combinatie van vroege en late neonatale sterfte.
  • (Vroege) perinatale sterfte: combinatie van foetale en (vroege) neonatale sterfte.
  • Perinatale sterfte: combinatie van foetale en (totale) neonatale sterfte.
  • Post neonatale sterfte: alle baby’s die na de 28e levensdag en voor hun eerste verjaardag overlijden.
  • Zuigelingensterfte is de neonatale sterfte plus de post neonatale sterfte. Anders gesteld: alle levendgeborenen kinderen die voor hun eerste verjaardag overlijden.

De internationale definitie van perinatale zorg (WHO)
De officiële definitie van perinatale sterfte die de WHO (World Health Organization) hanteert, is ‘perinatale sterfte tot en met 7 of 28 dagen na de geboorte bij zwangerschappen vanaf 22 weken zwangerschapsduur en indien de zwangerschapsduur onbekend is, met een geboortegewicht van tenminste 500 gram.’ De internationale grens van 22 weken waarbij er baby’s geboren worden die zouden kunnen overleven op een NICU (Neonatologie Intensive Care Unit), is zeer krap. Nederland hanteert als grens van behandelen 24 weken. Perined hanteert de definitie van de WHO.

Aandachtsgebieden van Stille Levens

Wij hanteren nadrukkelijk geen grenzen voor wat betreft doelgroepselectie en babysterfte: iedereen is voor informatie, advies en steun van harte welkom bij Stille Levens.

Ouders die een baby verliezen bij een kortere duur van de zwangerschap dan 22 weken ervaren vaak een vergelijkbaar verdriet en ondergaan een soortgelijk rouwproces dat volgt na het overlijden van hun baby. Ook ouders die te maken krijgen met het overlijden van een baby die volgens de definitie onder de zuigelingensterfte valt, kunnen bij ons aankloppen.